Stel je eens voor dat alle aandelen van alle Amerikaanse bedrijven – en dat zijn er duizenden – altijd in handen zijn van één grote familie. Laten we ze de Gottrocks noemen. (Je raadt al waarom: ze hebben "got rocks", ze zijn steenrijk!)
Generatie na generatie bezit deze enorme familie – met broers, zussen, neven, nichten, ooms en tantes – 100% van corporate America. Elk jaar oogsten ze de vruchten van hun bezit: alle winsten die de bedrijven maken en alle dividenden die worden uitgekeerd. Dat was in 2005 zo'n 700 miljard dollar per jaar. Na belastingen wordt de familie elk jaar rijker met precies dat bedrag. Ze groeien allemaal even hard, niemand klaagt, harmonie alom. Gewoon zitten, ontspannen en genieten van de groei van de economie. Een winner's game, zoals Buffett het noemt.
Maar op een dag komen er een paar gladde praters aan de deur. We noemen ze de Helpers (de "Hulpjes"). Deze snelle jongens overtuigen een paar "slimme" familieleden dat ze hun neven en nichten kunnen verslaan door slim te handelen: verkoop aandelen van het ene bedrijf aan een familielid en koop er aandelen van een ander bedrijf voor terug.
De Helpers bieden natuurlijk aan om al dat koop- en verkoopwerk te doen... tegen een kleine vergoeding, uiteraard. Hoe meer de familieleden onderling handelen, hoe groter de hap die de Helpers uit de taart nemen. De familie merkt het eerst niet, want de totale taart groeit nog steeds door de winsten van de bedrijven. Maar hun eigen stuk wordt langzaam kleiner.
Na een tijdje begint de familie te mopperen: "Hé, we worden niet meer zo snel rijk als vroeger!" De Helpers zien hun kans en komen met een briljant idee: "Jullie hebben managers nodig – zoals wij! – om professioneel te helpen kiezen welke aandelen je moet kopen en verkopen." Dus huren ze manager-Helpers in, die op hun beurt weer de broker-Helpers gebruiken om de transacties uit te voeren.
Resultaat? Nog een extra laag Helpers die een hap uit de taart nemen. De familie wordt steeds ongelukkiger, want hun vermogen groeit amper meer.
Uiteindelijk komen er hyper-Helpers: consultants die de familie adviseren welke manager-Helpers ze moeten inhuren. En natuurlijk tegen een flinke vergoeding.
Buffett sluit af met een knipoog: als Sir Isaac Newton niet alleen een genie in natuurkunde was geweest, maar ook een slimme belegger, had hij misschien een vierde wet van beweging bedacht: **Voor beleggers als geheel nemen de rendementen af naarmate de activiteit toeneemt.**
De moraal, met Buffets droge humor: Hoe meer je schudt, handelt en "geholpen" wordt, hoe minder er overblijft voor jou. Blijf gewoon zitten, houd vast aan de hele markt en laat de bedrijven het werk doen. Dan krijg je – netto – het beste rendement. De rest is vaak gewoon een duur circus waar alleen de Helpers rijk van worden.
Een typisch Buffett-verhaal: simpel, grappig en pijnlijk waar. 😏
No comments:
Post a Comment